Doctor in de rechten (KU Leuven, 1952), licentiaat in het notariaat (KU Leuven, 1952).
Advocaat (1952-1958); substituut-krijgsauditeur te velde (1958-1961); substituut-procureur des Konings (1961-1962), rechter (1962-1974), onderzoeksrechter (1963-1972) en ondervoorzitter (1974-1976) van de rechtbank van eerste aanleg te Gent; raadsheer (1976-1984) en kamervoorzitter (1984-1985) in het Hof van Beroep te Gent; raadsheer in het Hof van Cassatie (1985-1993); eerste Nederlandstalige voorzitter van het Wervingscollege der magistraten (1992-1993).
Benoemd tot rechter in het Grondwettelijk Hof bij K.B. van 25 januari 1993.
Verkozen tot voorzitter door de Nederlandse taalgroep, met ingang van 18 oktober 1999.